ZANDVOORT - Na een succesvolle carrière in de kartsport heeft Maik Barten besloten om de overstap naar de autosport te maken. De 20-jarige coureur uit Geldrop komt dit seizoen samen met Marcel Nooren uit in de Toerwagen Diesel Cup met een BMW 123d. Het doel is duidelijk: “We willen met de eerste drie meedraaien.”
Zijn kartprestaties bleven niet onopgemerkt. Als vicewereldkampioen karting werd hij onlangs opgenomen in het KNAF Talent First programma. In het verleden kregen coureurs als Giedo van der Garde en Ho-Pin Tung ook deze erkenning. “Het prijzengeld wat ik heb gekregen is uiteindelijk doorslaggevend geweest voor mijn debuut. Alleen kwam de selectie net iets te laat om nog meer sponsors te overtuigen. Zij hadden vaak hun marketinguitgaven al gepland”, legt Barten uit.
Meters maken
In eerste instantie had hij zijn vizier breed gericht, maar het lage kostenplaatje deed hem voor de Toerwagen Diesel Cup kiezen. “Ik heb gekeken waar ik de meeste ervaring op kan doen. In de Toerwagen Diesel Cup maak je dankzij de lange wedstrijden veel meters en kreeg ik de kans om met een ervaren teamgenoot te racen. We rijden met een achterwiel aangedreven auto en dat is ook nooit verkeerd”, aldus Barten, die ambities in de GT-racerij heeft. “Dat speelde dus ook mee. Een Swift en Clio worden bijvoorbeeld voorwiel aangedreven.”
Vol gas
Over de BMW 123d is Barten erg te spreken, al ontbreekt het de auto nog aan topsnelheid. “Vanaf het uitkomen van de Arie Luyendijkbocht zie ik mijn tegenstanders van mij weg rijden. In het technische gedeelte van het circuit komen we weer dichterbij. We moeten echt vol gas”, vertelt Barten, die geen probleemvrij weekend kende. Want ondanks een prima vierde startpositie eindigde hij samen met zijn teamgenoot de eerste wedstrijd vanwege een remprobleem als vijftiende. In de tweede race moest er na vier ronden al worden opgegeven. Toch steekt hij zijn ambities niet onder stoelen of banken. “Het is belangrijk dat we dit seizoen constant scoren. Dan moet realistisch gezien een topdrie positie absoluut lukken!”