Wederom succes voor Gravity Racing. Was het op Hockenheim nog Marcel Norbart die twee overwinningen voor zich op wist te eisen, vandaag was het op het Duitse Oschersleben teamgenoot Kees Kreijne die de overwinning wist te pakken. Kreijne pakte de meeste winst bij de start van de race, door als eerste de eerste bocht door te gaan. Kreijne kon daarna zijn eerste positie goed verdedigen en kon die na de pitstops, waarbij de concurrenten langer stil moesten staan, zijn voorsprong verder uitbouwen. In de Sport I-divisie ging de overwinning naar de uiterst strak sturende Jan van der Kooi. Van der Kooi was een klasse apart vandaag en kon af en toe zelfs met snellere deelnemers uit de Supersport II-divisie het gevecht aangaan. In de Sport II-divisie ging de overwinning, hoe kan het bijna ook anders, naar Rob Nieman. Teamgenoot Buys wist wel dicht bij Nieman te blijven, want op de streep zaten de teamgenoten maar zes seconden achter elkaar. Echte concurrentie heeft Spirit Racing overigens ook niet meer, aangezien de Mini’s zich voor dit weekend hebben afgemeld.
Voor Wilfried Herder verliep de start niet zoals hij vooraf had gepland. De Aston Martin coureur had op de vrijdag pole getraind maar bij de start reageerde hij te laat op het groene licht. Het kostte hem uiteindelijk vijf plaatsen waardoor hij de aansluiting met de kop van het veld verloor. Pieter van Soelen was wel goed weg bij de start. Van Soelen kwam gisteren door zijn vakantie pas na de kwalificatie aan op Oschersleben waardoor hij als 23e en laatste moest starten. Hij lette echter wel op bij het groene licht, en kwam na één ronde al als negende door.
Vooraan het veld waren het teamgenoten Kreijne en Norbart die in het begin van de race uit konden lopen op hun achtervolgers, zijnde de Rus Lev Fridman in de BMW E46 WTCC en Ferry Monster met de RIWAL Seat Leon SuperCopa. Tussen Fridman en Monster was het ronden lang spannend. Monster leek sneller maar het lukte hem niet om een gaatje te vinden bij Fridman, mede ook omdat Fridman zijn lijnen goed wist te verdedigen. Na een aantal ronden lukte het Monster echter wel om aan Fridman middels een fraaie inhaalactie voorbij te gaan. In een lange doordraaier naar rechts koos Monster de buitenkant van de bocht om zich naast Fridman te positioneren. Hierdoor kon Monster, omdat de bocht hierna naar links was, Fridman uitremmen en hem op deze manier voorbij gaan. Een knappe actie van Monster, die de ronden daarna verder uit kon lopen op Fridman.
Ondertussen was het Pieter van Soelen die de snelste rondetijden wist te noteren. Hij wist zich verder naar voren te sturen, waardoor hij zich al in de tiende ronde kon mengen met de gevechten om de derde plaats. Een aantal ronden wist Van Soelen druk uit te oefenen op Ferry Monster, maar ditmaal was het Monster zelf die liet zien ook verdedigende lijnen te kunnen rijden. Bovendien lag de Seat zeer goed in de bochten, waardoor Van Soelen telkens net een paar meter te kort kwam om een inhaalactie te wagen. Van Soelen koos er dan ook al snel voor om de pitstraat op te zoeken voor zijn pitstop. Het wierp hem echter ver terug, omdat hij door zijn resultaatseconden veel langer moest stilstaan dan de concurrentie.
Wie wel konden profiteren van de pitstops waren Kees Kreijne en Lev Fridman. Kreijne was in het begin van de race in gevecht met teamgenoot Norbart, maar omdat Norbart door zijn overwinningen op Hockenheim aanzienlijk meer strafseconden had dan Kreijne viel Norbart een aantal plaatsen terug. Kreijne kwam hierdoor comfortabel aan kop te liggen, gevolgd door Fridman die nog helemaal geen strafseconden had en hierdoor na de pitstops weer voor de gebroeders Monster de baan op kwam.
Van Soelen en Norbart raakten na hun pitstops, samen met Wilfried Herder, nog in een spannende strijd verwikkeld. Herder, op dat moment op de vijfde plek liggend, zat klem achter de Portugees Bermudez de Castro en zag geen kans om hem in te halen. Teamgenoot Norbart en concurrent Van Soelen konden hierdoor achter Herder aansluiten. Herder kwam onder zware druk te staan en het lukte Norbart dan ook om Herder uit te remmen aan het einde van het rechte stuk. Van Soelen, tot dat toe loerend achter de twee teamgenoten, zag een aantal bochten later zijn kans schoon en wist beide Aston Martin’s in te halen. Norbart bleef wel vlak achter Van Soelen en kon een ronde later alweer profiteren wanneer van Soelen klem kwam te zitten achter een langzamere deelnemer. Norbart reageerde snel en wist beide rijders uit te remmen, hiermee weer de vijfde plek van Van Soelen overnemend. Toch was het uiteindelijk Van Soelen die aan het langste eind trok, want Norbart maakte een paar bochten later een kostbare fout door in een lange doordraaier naar rechts te spinnen.
Vooraan aan het veld reed Kreijne onbedreigd naar de overwinning, gevolgd door Lev Fridman. Kreijne was na afloop logischerwijs zichtbaar blij. “Het begin van de race ging echt super! Ik kon mijn eerste positie goed vasthouden. Na de pitstops was het goed te merken dat mijn banden minder werden, maar gelukkig heb ik mijn voorsprong kunnen behouden. Dit voelt weer een beetje als mijn Lotus-tijdperk!” Derde werden de gebroeders Monster, die hiermee waardevolle punten voor het kampioenschap pakten. Bermudez de Castro wist te profiteren van de gevechten achter zich en eindigde knap op een vierde plek, voor Van Soelen, Herder en Norbart. DSC-organisator Dick van Elk, dit weekend sinds lange tijd weer zelf rijdend in zijn klasse, eindigde met de BMW van Richard van den Bos op een achtste plaats in zijn divisie.
In de Sport I-divisie was het in het begin van de race Peter Claassen die de snelheid goed te pakken had. Claassen, ditmaal gestart in de Papstar BMW, kon zelfs het tempo van veel Supersport II auto’s volgen en wist goede rondetijden te noteren. Achter Claassen was het Jan van der Kooi die goed weg was. Hij wist bij de start al concurrent de Cock te verschalken en kon al snel een solide voorsprong opbouwen. Verrassende naam in de kop van het veld was die van Joost Muijen, die voor een van de eerste keren van het seizoen niet te maken kreeg met technische problemen aan zijn Alfa 147 GTA. Hij reed aan het begin van de race rond op een goede vierde plek.
Na de pitstops waren er een aantal coureurs die ver terugvielen. Hiertoe behoorden ook John van der Voort en Peter Claassen, die door hun resultaatseconden maar liefst 35 seconden langer stil moesten staan dan de concurrentie. Ook Jan van der Kooi viel terug, omdat hij maar liefst 40 resultaatseconden aan zijn broek had gekregen. Omdat ook de Belg Luc de Cock resultaatseconden had was het Joost Muijen die na de pitstops aan de kop ging van de Sport I-divisie. Lang kon Muijen hier niet van genieten, omdat hij een drive-through aan de broek kreeg voor het te kort stilstaan in de pitstraat.
Uiteindelijk was het toch Jan van der Kooi die aan het eind wist te trekken. Liggend op plek drie wist hij twee man buitenom in te halen. Het bracht hem de eerste plaats, voor Luc de Cock en het duo Van der Voort/Claassen. “We hadden na de kwalificatie van gisteren het camber voor iets veranderd en andere banden gemonteerd. De wagen was nu veel beter te besturen dan in de kwalificatie”, aldus Van der Kooi na afloop. “In het begin van de race kon ik zelfs Wilfred Herder en Bermudez de Castro in mijn vizier houden en er dan ook mooi naartoe rijden. Na de pitstops kwam ik weer als vierde de baan op. Het lukte me zelfs om twee man in één keer in te halen, door in de eerste bocht de buitenkant te kiezen. Hierdoor kon ik ze de bocht daarna uitremmen. Aan het einde van de race reed ik zelfs een 1:41, ik wou dat ik dat gisteren in de kwalificatie ook had gedaan!”
De Sport II-divisie kende vandaag weinig spanning, want door de afwezigheid van de Mini’s kende deze divisie slechts drie deelnemers. Deze drie deelnemers waren allen Clio’s van Spirit Racing, en die mochten onderling uitmaken hoe de treden op het podium verdeeld zouden gaan worden. Het was uiteindelijk teambaas Rob Nieman die aan het langste eind trok, voor Erik Buys en Frank Bédorf.