Voor het eerst dit seizoen werd de zaterdagrace van de Dutch Supercar Challenge niet afgelast. Op een zonnig Hockenheim was het Martin Short die de eerste plek voor zich op wist te eisen, voor Cor Euser en het duo Van Buuren/Pastorelli. In de Supersport I-divisie was het wederom Michael Donovan die aan het langste eind wist te trekken, voor Henk Thuis. Robert den Otter maakte het Porsche podium compleet door de derde plaats voor zich op te eisen.
De start van de race verliep niet vlekkeloos. In de hairpin achterop het circuit was het Jan Willems die met zijn Porsche 997 GT3 te laat remde en in zijn spin de Opel Astra Silhouette van Jeroen Reijntens meenam. Ook Kevin Riley remde te laat met zijn Mosler en parkeerde zijn bolide achterin de Porsche van René Snel. Een flink pak schade voor de auto’s was het gevolg, en geen van allen konden ze hun weg vervolgen.
De kop van het veld bleef deze ellende echter bespaard en kon aan het begin van de race dan ook flink uitlopen. Het was Martin Short die met zijn Mosler MT900 zijn eerste plek kon behouden, voor Nicky Pastorelli met de Passat V8Star en Cor Euser met de Marcos LM600. Arjan van der Zwaan, normaal ook voorin het veld te vinden, moest de race van achteren starten doordat zijn DTM Audi TTR op vrijdag en zaterdag veel technische problemen kende. Was het op vrijdag het flippersysteem dat niet werkte, op zaterdag tijdens de kwalificatie brak een aandrijfas waardoor men geen snelle ronde kon rijden.
Van der Zwaan was daarom gebrand om goed te presteren tijdens het begin van de race, en dat lukte hem zeer goed. Gestart vanaf plek dertig lag hij al na één ronde op de tiende plek en wist hij steeds verder naar voren op te rukken. Uiteindelijk lag Van der Zwaan vijfde, achter de ETEC-Viper van Robert de Graaff. Het tweetal voerde een aantal ronden een spannende strijd, waarbij de Viper op de rechte stukken zijn winst pakt en het de DTM Audi is die in de bochten weer dichterbij weet te komen. Uiteindelijk weet Van der Zwaan op het bochtige gedeelte voor start/finish een gaatje te vinden bij de ETEC-Viper.
Na de pitstops bleef de top vier ongewijzigd, met Martin Short nog steeds op kop, gevolgd door de V8Star met nu Van Buuren achter het stuur en Cor Euser met zijn Marcos LM600 op de derde plek. Een aantal ronden later is Van Buuren echter teruggezakt naar de vierde plek en is het Van der Hoek, die ondertussen het stuur heeft overgenomen van Arjan van der Zwaan, die zich op de derde plek weet te nestelen. Van der Hoek weet flink druk te zetten op Euser, totdat Van der Hoek zich in de hairpin achterop het circuit verremt en de DTM Audi nog maar net uit de banden kan houden. Het betekende einde race voor Van der Hoek, maar omdat het in de laatste ronde gebeurde wist hij toch nog als zesde te eindigen. Eerste bleef Martin Short, voor Cor Euser en het duo Van Buuren/Pastorelli.
In de Supersport I-divisie waren het wederom de Porsches die zich het meeste van voren lieten zien. Het was Michael Donovan die het beste weg was, voor Henk Thuis en Danny van Dongen, die bij de start flink wist op te rukken naar voren. Voor Jochen Habets was de race al snel voorbij. Wist hij de vorige race op Spa nog winnend af te sluiten, nu was het zijn versnellingsbak die haperde waardoor hij zijn Megane met technische problemen aan de kant moest zetten.
Duncan Huisman verloor in de eerste ronde een aantal plaatsen wanneer hij in het gedrang voor de hairpin achterop het circuit eieren voor zijn geld moet kiezen en achterwaarts door het gras gaat. Hij kon zijn weg vervolgen, zij het op de zesde plek in zijn divisie. In zijn drang naar voren stuitte Huisman al snel op GT-deelnemer Edward Grouwels met de Rudolph GT2 Viper. Het koste Huisman veel moeite om de Viper in te halen, vooral ook omdat deze Viper op de rechte stukken flink sneller is dan de Porsche 997 GT3 van Huisman. Huisman weet er uiteindelijk toch voorbij te gaan, waarna zijn opmars naar voren kon beginnen. Het duurde dan ook niet lang voordat Huisman aan de staart zat van Thuis. Dan slaat voor Huisman echter het noodlot toe wanneer zijn linkerachterband, evenals op de Nürburgring, lek gaat.
Na de pitstops was het Henk Thuis die de koppositie had overgenomen van Micheal Donovan. Donovan was echter zeer snel onderweg en kon binnen een paar ronden aanhaken bij Thuis. Een aantal ronden rijden ze wederom als een touwtje achter elkaar, maar is het toch Thuis die in bocht één uiteindelijk zijn meerdere moest erkennen aan Donovan. Op de derde plek lag lang Nol Köhler, totdat ook bij hem een lekke band roet in het eten gooide. Zo is het Robert den Otter die uiteindelijk als derde weet te finishen, en hiermee het Porsche podium complementeert. René Wijnen eindigde met zijn Renault Megane Trophy op een vierde positie.