EINDHOVEN - De vijfde plaats bij de Minimax was zondag niet het resultaat waar Kas Haverkort op had gehoopt. De elfjarige karter uit Hardenberg had op circuit De Landsard in Eindhoven lijdzaam toegezien hoe zijn kart niet deed wat die moest doen. Eén ding wist hij wel: aan hem had het niet gelegen. Uiteindelijk werd Haverkort nog mooi derde in de eindstand van het Winterkampioenschap en kon met een grote beker naar huis.
“Tijdens de finale trok de kart niet zo goed”, zei Haverkort. “Waardoor dat kwam, weet ik niet precies helaas. Het is jammer, maar ik heb in ieder geval mijn best gedaan.”
In de kwalificatie snelde hij naar de vierde plaats. Een positie die bij hem een glimlach op zijn gezicht toverde, ook al wist hij dat er meer in had gezeten. “Ik vond het wel goed gaan. Ik vond het jammer dat ik net in mijn snelle ronde een achterblijver tegenkwam. Anders had ik waarschijnlijk de tweede tijd gereden. Dat konden we uit de sectortijden halen.”
Tijdens de prefinale kende Haverkort helaas een matige start en werd door veel rivalen ingehaald. “Ik bleef rustig en dacht: iedereen die voor me is gekomen, moet ik gewoon inhalen.” Verbeten stuurde hij zijn kart zo goed mogelijk over het Brabantse circuit en warempel: hij slaagde er nog in vier rijders terug te pakken.
In de finale kende Haverkort een goede start. Aan het einde van het lange rechte stuk lag hij derde en had zich derhalve in een uitstekende positie voor de rest van de race gemanoeuvreerd. Totdat hij een beuk van achteren kreeg en wijd ging. Hij verloor daardoor een aantal plaatsen. “Ik heb me daarna terug kunnen knokken tot de vijfde plaats, maar ik baal wel van die beuk natuurlijk.”
Aanstaand weekend is de eerste race van het Nederlands kampioenschap. Haverkort kijkt er naar uit. Immers racen is het enige waar hij aan kan denken: “Ik heb er weer veel zin in en ik ga mijn best doen.”