In 2014 staan de diverse F1-bolides met de nieuwe 1.6 liter turbo-motoren aan de start. Er worden zware eisen gesteld aan de nieuwe krachtbronnen, onder andere dat de motor tenminste 5.000 kilometer mee moet gaan. Dat is ongeveer gelijk aan de afstand die verreden wordt in de 24 uur van Le Mans. Renault gaf al aan de mogelijkheden te onderzoeken om de motor vanaf 2016 te gaan inzetten op het Circuit de la Sarthe, de Scuderia lijkt te volgen.
De inzet van de nieuwe motor op het Franse circuit bij het World Endurance Championship zou ook interessant kunnen zijn voor merk als Ferrari. Zo wist Ferrari al in 1949 haar eerste 24 uursrace op het circuit te winnen. Na deze overwinning zouden er in de jaren vijftig en zestig nog acht volgen. In 1973 besluit Enzo Ferrari om te stoppen met het sportcar racen en de GT’s. Zodoende kan het Italiaanse merk zich volledig richten op de Formule 1.
In de jaren negentig komt Ferrari terug in het sportscarracen. Echter, men zette de auto niet zelf in als constructeur. Toch is de Ferrari 333 SP een succes en behaalde de nodige successen. Zo wist men met de auto in 1995, 1997 en 1998 de 12 uur van Sebring te winnen. Tot een overwinning in de 24 uur van Le Mans kwam het niet.
Inmiddels is het gerucht ontstaan over een terugkeer van Ferrari, nadat Renault hints gaf over de inzet van de Formule 1-motor in Le Mans en bij het World Endurance Championship. Wanneer Stefano Domenicali wordt gevraagd naar de speculaties van een terugkeer in het prototype sportscarracen, inclusief het fabelachtige Le Mans, wordt deze niet door de Italiaan ontkent. Wanneer hem wordt gevraagd of het een optie voor Ferrari is in de komende jaren, reageert de teambaas: “De introductie van de nieuwe turbomotoren in de Formule 1, geeft de mogelijkheid tot enige interessante projecten.” Waar hij wel aan toevoegt: “Op het moment kan ik niet meer zeggen.”