Romano de Ruit blikt terug op autosport debuut seizoen 2006!
Het seizoen zit erop, de races zijn voorbij en zoals voor de meeste coureurs wordt de winter een periode waarin beslissingen genomen gaan worden voor het komende seizoen. Het raceseizoen gaat enorm snel voorbij, beseft ook Romano de Ruit.
Na zijn korte carrière in de kartsport waarin zijn leerproces ontzettend snel ging en hij in 2005 aan de haal ging met het Duits én Nederlands kampioenschap ICA, kon Romano in 2006 de overstap maken naar de autosport. Ook hier toonde de achttienjarige coureur klasse door meteen al tijdens zijn debuutraces voorin te rijden in het Formule Ford-veld. Uiteindelijk wist Romano ondanks vervelende tegenslagen vice-kampioen te worden in de First Division, de klasse voor oudere en zwaardere auto’s. Romano blikt zelf terug op zijn debuutseizoen en vertelt over zijn bevindingen.
“Het is jammer genoeg alweer voorbij het raceseizoen. Wat gaat dat ongelofelijk snel zeg! Te snel. Toen ik begin 2006 hoorde dat ik Formule Ford zou gaan rijden kon ik het maar moeilijk beseffen. Alles is daar zo groot, zo professioneel en natuurlijk veel meer publiciteit. Je staat als rijder veel dichter bij de toeschouwers, iets wat je met karten helemaal niet hebt. Wat ik echt heel gaaf vind zijn die kleine jongetjes van zes tot negen jaar oud, die dan vragen: "Meneer mag ik uw handtekening?" Echt heel erg leuk, en als ze dan óók nog even in je auto mogen zitten, zie je ze helemaal glunderen en kan hun dag niet meer stuk.”
Als jongetje van zes jaar oud had ik nog nooit gehoord van karting of autosport. Ik hield me bezig met de meer reguliere sporten zoals voetbal en taekwondo, waarmee ik zelfs nog met sparring vijfde werd tijdens het Europees Kampioenschap Taekwondo in Eindhoven. Dus kijk maar uit, haha!
Pas in 2002 toen er de ruimte en de tijd was begon ik met karting en heb dat ruim drie jaar gedaan. In 2005 ging alles zoals het moest gaan en ik greep twee mooie kampioenschappen. Het Nederlands Kampioenschap ICA en het Kampioenschap in het ijzersterke Duitse ICA Meistershaft.
Toen alles ineens zo goed verliep, vroeg mijn vader of ik het leuk zou vinden, om een Formule auto te tetsen. Tja, het antwoord lijkt me duidelijk: zeker weten! Na een test met een Formule Renault 1600 op het naar mijn mening mooiste circuit dat er is, Spa-Francorchamps, was ik echt helemaal verkocht. Hierna volgden wat tests op Zolder en Zandvoort met drie verschillende Formule Ford-teams. Wij kozen uiteindelijk voor Geva Racing, vanwege de enorme successenreeks van de afgelopen jaren.
Nadat het contract was getekend moest de racelicentie voor open auto’s gehaald worden. Gelukkig ging dit allemaal goed en ik had mijn licentie binnen. Wat nu, als ik terugkijk op het seizoen, dat echt heel erg gaaf was, is dat ik toen al samen met mijn teamgenootje Nick Catsburg aan het strijden was. Zelfs toen al, tijdens ons eerste meters met onze auto, zaten we al binnen een paar tienden van elkaar af! Iets wat het gehele seizoen onveranderd bleef.
Eerlijk gezegd had ik verwacht dat ik langer nodig zou hebben om mee te kunnen komen in het veld, maar ik kon meteen al met de Paasraces voorin rijden! Ik won mijn debuutrace maar werd helaas teruggezet wegens inhalen onder geel, waar overigens wel een luchtje aanzat. Al met al had ik een fantastisch weekend en kon niet wachten tot het volgende.
Hierna kwam Assen, het circuit waar ik werkelijk vanaf ronde één vloog. Assen, een snel circuit, chicanes, snelle grote bochten en daar kon ik mezelf wel in vinden. Een dubbele overwinning in de First Division en zelfs een eenvoudig podium in de A-klasse is wat ik daar behaalde. Echt een absoluut topweekend. Zeker als je ziet dat ik vierde lag, spinde, terugviel naar P15 en alsnog won! Het gevoel wat je dan hebt als je over de finish rijdt, is niet te beschrijven.
Verder in het seizoen had ik soms wat pech, bijvoorbeeld tijdens de Masters in Zandvoort. Ik kampte met een zeer vervelend probleem: het gas bleef zo nu en dan hangen. Ik kan jullie vertellen dat je dan wel de billen bij elkaar knijpt als je met 230 kilometer per uur aankomt bij de Tarzan! Verder had ik in Zolder nog wel problemen met remmen, waardoor kostbare punten verloren gingen.
Ondertussen ging de strijd tussen Nick en mij gewoon door. Het was niet duidelijk wie er met de kampioenschappen aan de haal zou gaan. Ikzelf vond het super om zo’n teamgenoot te hebben. Ik hou van concurrentie, het maakt je sneller en het houd je scherp. Was ik snel, dan zat Nick er altijd kort achter en was er dus geen tijd om in slaap te vallen. Soms was het toch ook wel moeilijk. Je weet dat autosport geen contactsport is, maar helemaal te vermijden is het niet, zeer zeker niet als je strijdt om een kampioenschap. Maar gelukkig hebben Nick en ik elkaar dit jaar niet één keer geraakt en alles is perfect verlopen.
Verder vond ik Geva Racing een heel leuk team. Samen met Shirley van der Lof, Auke Genemans en Nick Catsburg hadden we een leuke groep, konden het goed met elkaar vinden en dat is ook belangrijk dat de sfeer binnen het team goed is.
Mijn vaste monteur Frank en engineer Gerben waren ook top. Met Gerben besprak ik altijd de set-up. Samen probeerden we dan altijd een zo goed mogelijke afstelling te vinden. Soms nog knap lastig om zo’n Fordje perfect af te stellen!
Ik denk dat ik gezien de snelheid die ik het hele jaar had, behoorlijk tevreden mag zijn. Ik pakte meerdere Pole-Positions, snelste raceronden en overwinningen en stond bijna elke race op het podium. Door deze resultaten ben ik uiteindelijk vice-Nederlands kampioen en Benelux Kampioen geworden in de Formule Ford First Division klasse.
Ik heb een super seizoen gehad en wil iedereen bedanken die mij heeft geholpen. Voor volgend jaar is alles nog open. Sowieso moet ik proberen een goed sponsorpakket te krijgen. Dit zou alles een stuk makkelijker maken. Ik ga in ieder geval me best doen en hopelijk tot 2007!
Ciao, Romano