ISTANBUL - Het McLaren F1 Team stond in Istanbul voor het eerst in 2011 niet op het podium. Na twee podiumresultaten van Lewis Hamilton en een tweede plaats van Jenson Button stond het Britse team na afloop van de Formule 1 Grand Prix van Turkije met lege handen. Beide Britten kwamen als vierde en zesde over de meet, met Hamilton voor zijn teamgenoot. Teambaas Martin Whitmarsh was na afloop niet geheel tevreden, maar gaf toe dat de concurrentie ditmaal te sterk was.
"We kwalificeerden als vierde en zesde, en zijn als vierde en zesde geëindigd", blikte Whitmarsh terug. "Ondanks het feit dat we overduidelijk hadden gehoopt meer punten te scoren dan deze twintig hebben beide rijders hard en goed gereden. Ik weet zeker dat hun deelname aan de race veel actie heeft opgeleverd. De tachtig pitstops zorgden voor veel entertainment voor de toeschouwers op de tribune en op tv. Wij bij McLaren willen nooit tegengaan dat onze rijders tegen elkaar strijden. In deze race hebben ze dat overduidelijk gedaan. Het was goed om te zien dat ze naast de baan erg goed met elkaar om gaan, maar op de baan willen ze elkaar verslaan zoals ze elke rijder willen verslaan. Zo hoort het ook."
"We waren deze middag niet zo snel als de Red Bulls en Ferrari, maar de snelheid van Lewis in zijn vierstopstrategie was sterk. Jenson was de snelste rijder van de driestoppers maar terugkijkend was dat mogelijk niet de optimale strategie. Daarom had hij continu wat problemen, maar dat was niet zijn schuld."
"Vooruitkijkend naar de Grand Prix van Spanje moeten we hard blijven pushen met het ontwikkelen van onze auto. We hebben de intentie om in Barcelona competitief te zijn. We staan tweede in het constructeurkampioenschap en Lewis staat tweede bij de rijders maar we moeten er alles aan doen om die tweede plaatsen om te zetten in eerste posities."