Een aantal Formule 1-teams en F1-coureurs, waaronder Red Bull gingen in de aanloop naar de Grand Prix van Engeland kleiduif schieten om Wings for Life te supporten in haar zoektocht naar een oplossing voor het genezen van dwarslaesies. Alle Red Bull F1-rijders
Max Verstappen, Daniel Ricciardo, Daniil Kvyat en Carlos Sainz waren er met nog meer mensen uit het Formule 1 wereldje zoals Christian Horner, David Coulthard, Damon Hill en Martin Brundle. In totaal zo'n dertig schutters.
Max Verstappen zat in het winnende team van Red Bull Racing 1.
“Het was erg leuk om te doen. Ik zou kleiduiven schieten niet met Formule 1 willen vergelijken, maar het vereist wel een goede hand-oog coördinatie en alle F1-coureurs hebben dat", zei Max Verstappen. "Het is erg belangrijk dat we Wings for Life steunen. Het is geweldig dat ze zoveel tijd steken in dit soort evenementen en zodoende zoveel geld bijeen krijgen voor het onderzoek naar dwarslaesie. Het was een geslaagde dag.”
Ook Daniël Ricciardo was van de partij, maar hij is geen 'revolverheld', meer een 'bange poepert' zo gaf hij ruiterlijk toe: “Ik heb me vermaakt tijdens mijn eerste keer kleiduiven schieten. Maar erg goed was ik niet. Er was één ronde waarin ik het aardig deed, maar verder was het hopeloos”, gaf Daniel toe. “Als kind was ik zelfs bang van harde geluiden. Ik kon goed hardlopen, maar verloor altijd op de 100 meter sprint omdat ik met mijn handen over de oren afwachtte tot de rest begon te rennen. Echt waar!”
“Het mooie van vandaag was dat er allerlei verschillende mensen uit de sport zijn: coureurs, teammanagers, commentatoren, ex-coureurs, noem maar op. Het was gaaf. Ik geniet er altijd van als verschillende groepen bijeen komen met een reden. Om een goed doel te steunen is altijd geweldig, maar Wings for Life ligt sowieso dicht bij Red Bull”, aldus Daniel. “Dwarslaesie is erg ernstig. Je neemt sommige dingen voor lief, dat je kunt opstaan en gaan hardlopen. Dus het is mooi om zoiets te steunen en een positieve invloed te hebben in het zoeken naar een oplossing.”