Max Verstappen zat al snel weer in een auto na zijn crash met een impact van 51G. Voor de Hongaarse Grand Prix testte hij veel in de simulator en daar heeft hij volgens zijn teambaas veel van geleerd, aldus zijn
teambaas Atze Kerkhof van Team Redline. In het weekend tussen de Grands Prix van Groot-Brittannië en Hongarije nam Verstappen op de simulator deel aan de iRacing 24 Hours of Spa. Samen met Jeff Giassi en Gianni Vecchio eindigde de Nederlander als vijfde, met een auto die een slechtere BoP (Balance of Performance) had. De Porsche was daardoor veel trager en minder controleerbaar dan de BMW van de concurrentie.
“Maakt er een spelletje van”
''Hij maakt er ook een spelletje van voor zichzelf, het is voor hem de uitdaging om zo'n stint te rijden zonder ook maar een seconde te verliezen door zo vlot mogelijk door het verkeer te gaan. Hij is daar heel goed in en hij verbetert nog steeds. En ik denk dat het hem ook op het echte circuit zal helpen'', zegt Kerkhof in een bericht van GPBlog.com.
Team op sleeptouw
"Hij heeft ook een gevoel in de virtuele auto waardoor hij goed kan anticiperen op de afstelling. Naar mijn mening is zijn vermogen om opstellingen te bedenken iets waar hij in is gegroeid. Hij kan een auto bouwen om zichzelf heen maar ook om zijn teamgenoten heen en op een manier die hij echt kan onderbouwen. Zo is hij een soort coach geworden voor de andere coureurs in het team en neemt hij het hele team op sleeptouw."
Engineers overbodig? Verstappen is er zelfs zo goed in geworden dat de engineers van het team nauwelijks meer nodig zijn. "We hebben vier hele goede engineers in huis, maar hij heeft bijna evenveel technische kennis als zij, terwijl die engineers naast hun werk voor Team Redline allemaal op hoog niveau in de autosport werken. En dan heeft hij ook nog
het gevoel in zijn hoofd dat hij met die kennis ook ècht iets kan", besluit de Redline-teambaas.