Volgens
Neel Jani is het voor de privéteams in de
LMP1 van het FIA World Endurance Championship een lastige taak om per ronde brandstof te besparen, zodat ze de energielimieten voor de niet-hybride auto’s niet overschrijden. Dit weekend werd de Rebellion Racing-coureur met zijn teamgenoten André Lotterer en Bruno Senna derde, maar werden ze na de race gediskwalificeerd vanwege een te hoge slijtage aan de blokken onder de auto.
“Elke pitstop verliezen we 10 tot 15 seconden op de Toyota met het tanken”, zei Neil Jani. “Dan hebben we minder ronden per stint en moeten we veel brandstof besparen. Dat is lastig voor een team als het onze, omdat we niet te veel brandstof kunnen gebruiken want anders krijgen we straf. Er is geen software zoals we die in de Porsche hadden, dus moeten we zelf gokken. Plus of min. Dat kost veel tijd.”
De LMP1 niet-hybride mochten over 17 ronden 47,1 kilo brandstof verbruiken in Spa, maar zonder de computers en software van de fabrieksteams is dat volgens Jani lastig. “We mogen 2,66 kilo brandstof per ronde gebruiken”, zei de Rebellion-coureur. “Maar we gebruiken gemiddeld 2,60 om veilig te zitten. We moesten steeds een beetje gokken, waardoor we iedere ronde tijd verloren... Dat zorgde bij ons uiteindelijk voor heel veel tijdverlies.”
Uiteindelijk verloor de
Rebellion R13 twee ronden op de Toyota TS050 Hybrid, waarbij 90 seconden door straffen en andere narigheid. Zo kreeg men een straf voor 2,74 kilo brandstof in een stint en een stop om de verplichte antenne van de FIA voor de data transmissie te vervangen. Deze was opgehouden met functioneren. Volgens Neel Jani ligt het verlies met name aan de Equivalence of Technology, maar zegt hij tegelijkertijd dat er nog veel te verbeteren is.
“We moesten behoorlijk wat brandstof besparen per ronde, maar hadden ook aardig wat problemen”, zei de Zwitser. “We hoopten een ronde achter te liggen, om eerlijk te zijn. Maar aan de andere kant, we verloren 1 minuut 30 met andere dingen in de pits en we verloren nog eens 30 seconden bij de eerste safetycar. Dus dat was weer een ronde. Ik denk dat het in totaal twee ronden was, maar het is duidelijk dat het lastigste deel voor ons het tanken is, omdat we gewoon niet weten waar we staan. We hebben die software domweg niet. We zullen daar in de toekomst niet altijd efficiënt in zijn.”