Marcus Ericsson was vorig jaar vaak de langzaamste coureur op de baan, mede door zijn niet al te beste Caterham, maar de Zweed liet zelf ook niet altijd zijn talent blijken. Zo spinde hij bijvoorbeeld achter de safety-car in Japan. Veel mensen vroegen zich dan ook af wat Ericsson bij Sauber te zoeken had. In de eerste race scoorde hij echter meteen punten. Ook in Maleisie leek het goed te gaan, totdat hij van de baan spinde. Zelf is Ericsson in ieder geval tevreden.
"Als ik terugkijk naar Maleisië, dan ben ik blij met de tijden die ik kon neerzetten. Ik zat elke sessie in de top tien met een snelle auto, dat ben ik niet meer gewend na vorig jaar! Ik sloot echter teleurstellend af, omdat ik om plek zeven of acht had kunnen vechten met de jongens van Toro Rosso. Wij hadden de snelheid om dat te doen."