Lewis Hamilton heeft in Amerika zijn tweede Formule 1-zege uit zijn carrière behaald. De jonge Engelsman versloeg zijn teamgenoot Fernando Alonso in een rechtstreeks duel. De Ferrari’s waren vandaag kansloos tegen de snelheid van de McLaren-bolides. Felipe Massa werd derde, vlak voor zijn teamgenoot Kimi Räikkönen.
Bij de start kwam iedereen goed van zijn plaats. In de eerste bocht ging het echter voor drie coureurs direct fout. Ralf Schumacher schoot rechtdoor, waarbij hij Rubens Barrichello’s wiel raakte en David Coulthard in de zijkant van zijn bolide ramde. Alle drie de coureurs kwamen niet meer in actie na deze botsing. BMW-debutant Vettel moest een stuk door het gras om het incident te kunnen ontwijken. Adrian Sutil kon door de gebeurtenissen in de eerste bocht naar een veertiende plaats opschuiven. Albers kwam ook veilig door de eerste bochten heen en pakte de achttiende plaats.
Giancarlo Fisichella verspeelde in de tweede ronde zijn kans op punten door een uitstapje door het gras te maken. De Italiaan viel terug naar de achterkant van het veld en eindigde uiteindelijk als negende na een moeizame inhaalrace. In de veertiende ronde werd Takuma Sato de vierde uitvaller van de race. De Japanner haalde Adrian Sutil in, maar kon deze positie niet vasthouden. Sato raakte na zijn manoeuvre met zijn achterwiel het gras, waarop hij spinde en vast kwam te zitten in de grindbak.
Halverwege de race zorgde een baanmarshall voor een komisch moment door zijn blauwe vlag te laten vallen. De vlag kwam op het rechte stuk van het circuit terecht en even later was bij een pitstop een stuk van de vlag onder de bolide van Jarno Trulli te zien.
In de 39e ronde kreeg Fernando Alonso zijn eerste en zijn enige kans om Hamilton in te halen. De Spanjaard zat vlak achter zijn teamgenoot bij het opkomen van het rechte stuk. De jonge Engelsman verdedigde echter sterk, waardoor Alonso geen kans maakte in de eerste bocht. Daar had de Spanjaard zijn aanval gepland. Na deze mogelijkheid viel Alonso langzaam terug. Na de tweede pitstopsessie leek het nog heel even spannend te worden, maar tot een tweede aanval kwam het niet meer.
Zeventien rondes voor het einde zag Heidfeld zijn punten als sneeuw voor de zon verdwijnen. De BMW-coureur kampte met een hydraulisch probleem. Heidfeld probeerde de bolide terug te brengen naar de pits, maar was gedwongen de wagen aan de kant te zetten. Vlak voor het einde van de race kwam ook de strijd van Rosberg tot een abrupt einde. De Williams-rijder moest zich op het rechte stuk uit de bolide haasten, omdat de achterkant van de Williams in brand stond.
Beide Spykers brachten de race tot een goed einde. Albers eindigde als laatste rijdende coureur op de vijftiende plaats en Adrian Sutil moest het met de veertiende plaats doen.
1 Lewis Hamilton McLaren
2 Fernando Alonso McLaren + 1.5
3 Felippe Massa Ferrari + 12.8
4 Kimi Raikkonen Ferrari + 15.4
5 Heikki Kovalainen Renault + 41.4
6 Jarno Trulli Toyota + 66.7
7 Mark Webber Red Bull + 67.3
8 Sebastian Vettel BMW + 67.7
9 Giancarlo Fisichella Renault + 1 Ronde
10 Alexander Würz Williams + 1 Ronde
11 Anthony Davidson Super Aguri + 1 Ronde
12 Jenson Button Honda + 1 Ronde
13 Scott Speed Toro Rosso + 2 Rondes
14 Adrian Sutil Spyker + 2 Rondes
15 Christijan Albers Spyker + 3 Rondes
Uitvallers
16 Nico Rosberg Williams + 5 Ronden
17 Vitantonio Liuzzi Toro Rosso + 5 Ronden
18 Nick Heidfeld BMW + 18 Ronden
19 Takuma Sato Super Aguri + 60 Ronden
20 David Coulthard Red Bull + 73 Ronden
21 Rubens Barrichello Honda + 73 Ronden
22 Ralf Schumacher Toyota + 73 Ronden