Het F1-team van Haas was dit jaar lang in de race voor de vierde plaats bij de constructeurs. Uiteindelijk moest de Amerikaanse formatie in die strijd Renault voor zich dulden. Toch kijkt teambaas
Gunther Steiner tevreden terug op 2018 en de sterke prestaties van Kevin Magnussen en Romain Grosjean.
"Ik denk dat we veel mensen verrast hebben", zegt Steiner tegen Autosport. "Hebben we onszelf verrast? Wel een beetje, ja. We gingen voor de zesde plaats, vochten voor de eerste vier en eindigden op plaats vijf. Maar als je zo dicht bij de vierde plaats bent, wil je ook vierde worden. Dat gaan we komend jaar proberen."
Haas liet in de eerste race in Australië kostbare punten liggen door problemen tijdens de pitstops. De banden werden niet goed gemonteerd. Er zat dus wel degelijk meer in voor Steiner en zijn mannen. "Het is mooi dat we redelijk vooraan meestrijden. Ik denk niet dat ons team niet goed genoeg is. Je hebt ervaring nodig en daar is tijd voor nodig."
"Het mag duidelijk zijn dat we niet altijd alles uit de auto hebben gehaald", kijkt Steiner terug. "We groeien nog steeds en leren ieder weekend. Dit is een spel waarin je veel moet leren. Anders zou het geen verschil maken als iemand al 20 of 30 in de Formule 1 werkzaam is. We hebben niet het grootste team, maar we hebben wel een goed stel mensen in het team rondlopen."
Haas is het kleinste team in de Formule 1 en heeft veel onderdelen van Ferrari kunnen kopen. Steiner gelooft niet dat het grote geld altijd wint. "Het is beter dat je langzaam groeit. Veel geld ertegenaan gooien werkt niet. Daarom hebben we ervoor gekozen om niet alles vanaf het begin zelf te bouwen. Het heeft tijd nodig en dat is niet te koop."