Het F1-circus verplaatst zich gestaag richting het prinsdom Monaco voor inmiddels al de zesde Grand Prix van het seizoen 2013. Voor Jenson Button wordt het de dertiende maal dat hij aan de start zal verschijnen op het stratencircuit. Eerder deed hij dat al met verschillende anderen teams, waaronder Brawn GP. Met die formatie wist Button in 2009, het jaar dat Brawn de titel won met voornamelijk de dubbeldeksdiffusor, al eens te winnen in de nauwe straten.
Toch is er geen sprake van een indrukwekkende zegereeks van Button. In 2004 werd hij tweede en in 2011 mocht hij voor McLaren naar de derde plaats op het erepodium. Daarnaast kende hij weinig hoogtepunten, maar dat maakt hem niet minder goedgeluimd.
“Monaco is niet zoals welke F1-circuit ook”, liet Button optekenen in de aanloop naar het raceweekend. “Een kwalificatieronde is een opwindende ervaring voor een rijder: je stuurt de bochten op de limiet in en je kust de vangrail bij het uitkomen. Als je pole position pakt, zoals ik deed in 2009, dan is dat heel bevredigend en je moet 78 ronden op de millimeter nauwkeurig rijden om de race te winnen. Het is een grote uitdaging.”
“Het circuit van Monaco kent de langzaamste, gemiddelde snelheid van het jaar. Desondanks zal het gevoel voor de rijders totaal anders zijn, als zij tussen de vangrails door racen. Hier en daar knijpt de baan aardig, zoals bij de hairpin. Heuvelopwaarts, van de eerste bocht Ste Devote richting het Casino, verandert het parcours snel van richting.”
“Iedereen bij Vodafone McLaren Mercedes heeft voluit gewerkt sinds de Spaanse Grand Prix. We zijn nog niet waar we willen zijn wat betreft onze competitiviteit, maar ik heb er vertrouwen in dat we weer een kleine stap voorwaarts kunnen zetten in Monaco. We blijven progressie boeken met prestaties van de MP4-28, tot hij capabel is om de koplopers uit te dagen. Het doel voor is beide auto’s aan de finish te krijgen, zoals we deden in Barcelona.