Onder natte omstandigheden heeft Niels Bouwhuis met zijn BMW Z4 GT3 de overwinning behaald in de zondag race van de Supercar Challenge powered by Pirelli tijdens het Racing Festival op Spa-Francorchamps. In een spannende wedstrijd was Bouwhuis het Engelse duo Balfe/Keen net te snel af met op de finishlijn een minimale voorsprong van 0,2 seconden. In de GT-divisie ging de overwinning naar Aaron Scott en Craig Wilkens, die in de slotfase in fel gevecht waren met Patrick van Glabeke en Frédérique Jonckheere. In de GTB-divisie ging de overwinning naar Lamborghini-coureur Simon Atkinson, in de Supersport-divisie won Werner van Herck en in de Sport-divisie ging de overwinning naar Wesley en Maurits Caransa. Bij de Superslights waren Henk Haane en Chris Kools de winnaars.
Robert de Graaff had en goede start van de race en kon in La Source de koppositie overpakken van Ferrari-coureur Shaun Balfe. Achter De Graaff sloot Kelvin Snoeks meteen aan, die in de daaropvolgende bochten meteen de eerste plaats van De Graaff af kon pakken. Achter De Graaff had ook Bob Herber een goede start, want de Ferrari-coureur meldde zich al snel aan de staart van de Viper-coureur.
Herber zette daarna De Graaff meteen onder druk, waardoor koploper Snoeks al meteen een gat kon slaan richting zijn achtervolgers. Achter Herber lag Shaun Balfe na de eerste ronde op positie vier, Niels Bouwhuis op plaats vijf en Barry Maessen op positie zes.
Herber slaagde er daarna echter niet in om De Graaff te verschalken. De Viper-coureur liet snelle rondetijden noteren waardoor ook koploper Snoeks niet veel verder uit kon lopen. Daarna werd het voor de koplopers zaak om goed door de achterliggers te komen. Kelvin Snoeks en Robert de Graaff gingen dit goed af, daarachter was de achter Bob Herber liggende Shaun Balfe druk met zijn lichten seinend door de achterblijvers aan het rijden om zo min mogelijk tijd te verliezen.
Koploper Kelvin Snoeks wachtte lang met zijn pitstop en kwam uiteindelijk zelfs te laat binnen. Snoeks zou hiervoor een tijdstraf krijgen, maar zover kwam het voor Snoeks echter niet. De Volvo-coureur moest na de pitstop namelijk zijn auto met technische problemen naast de baan parkeren en zag daarmee een goede klassering aan zijn neus voorbijgaan.
Ondertussen was Niels Bouwhuis door de resultaatseconden bij zijn naaste concurrenten op de eerste plaats komen te liggen, daarachter gevolgd door Bob Herber, Ook het team van Herber had echter een te late pitstop gemaakt, waardoor ook hij na afloop en tijdstraf zou krijgen. Roger Grouwels lag na de pitstops op de derde positie, voor Volvo-coureur Henry Zumbrink en Ferrari-rijder Phil Keen.
Ook de koploper in de wedstrijd kwam niet ongeschonden uit de pitstops. Niels Bouwhuis bleek namelijk aardig wat seconden tekort stil te hebben gestaan en kreeg daarvoor een stop and go penalty. De leiding in de wedstrijd kwam hiermee in handen van Bob Herber, die na afloop nog wel een tijdstraf van 20 seconden zou krijgen. Achter Herber en Lanting was Phil Keen snel onderweg. De Ferrari-coureur haalde al snel Henry Zumbrink en Roger Grouwels in en zette daarna koers naar de koplopers.
Niels Bouwhuis was ondanks zijn stop and go penalty niet kansloos meer voor de zege. De BMW-coureur kwam namelijk op de tweede positie terug de baan op, tussen Bob Herber en Phil Keen in. Omdat Herber na afloop een tijdstraf zou krijgen lag Bouwhuis zelfs virtueel nog steeds aan de leiding. Bouwhuis moest in de laatste ronden alle zeilen bijzetten om zijn virtuele eerste positie te behouden. Phil Keen was namelijk razendsnel en liep het gat naar Bouwhuis snel dicht. De marge van Bouwhuis was echter net genoeg om de leiding te behouden, met een voorsprong van 0,2 seconden pakte de BMW Z4-coureur de overwinning voor het Engelse duo Balfe/Keen. Bob Herber eindigde na zijn tijdstraf op de derde positie.
“Het was zeer spannend, op de finish was onze achterstand maar 0,2 seconden”, vertelde Shaun Balfe, die in de Ferrari 458 GT3 de eerste stint voor zijn rekening had genomen. “Ik baal achteraf dat ik in mijn stint niet harder heb gereden, dan hadden we misschien vandaag kunnen winnen. Maar het was een hele mooie wedstrijd en ook dit is een mooi resultaat.”
Niels Bouwhuis was blij dat hij ondanks zijn stop and go nog de overwinning had behaald. “Ja we hebben denk ik een fout gemaakt met de pitstoptijd. Op mijn stuur stond 1 minuut 10 geschreven en ik dacht dat dat mijn totale tijd was van de eerste lus tot de tweede lus. Dat bleek achteraf echter de tijd te zijn die ik stil moest staan, dus ik heb daardoor tekort stilgestaan”, aldus Niels Bouwhuis, die in de laatste ronden Phil Keen nog in zijn spiegels zag opdoemen. “Die Ferrari reed in de laatste ronden zó hard, dat was niet normaal. Maar ik ben blij dat ik hem net achter me heb kunnen houden!”
In de GT-divisie had Craig Wilkens een goede start. De Viper-coureur kon zijn eerste plaats in de divisie behouden en kon meteen een gaatje slaan richting zijn achtervolgers. Achter Wilkens waren Patrick van Glabeke en Henk Thuis na de start meteen in fel gevecht.
Wilkens kon in de eerste ronden meteen flink uitlopen op zijn achtervolgers. Na drie ronden was die voorsprong al opgelopen tot meer dan tien seconden. Patrick van Glabeke lag nog steeds op de tweede plaats, maar Henk Thuis lag op de loer.
Ook na de pitstops was de rangorde in de GT-divisie ongewijzigd. Aaron Scott had het stuur van de Viper overgenomen van Craig Wilkens en lag nog steeds op de eerste positie, Frédérique Jonckheere lag op positie twee en Henk Thuis op plaats drie.
Frédérique Jonckheere was zoals vanouds na de ptistops snel onderweg. De Ferrari-coureur reed rondetijden die per ronden een paar seconden sneller waren dan die van Viper-coureur Aaron Scott en reed het gat tussen dit tweetal dus meer en meer dicht. Jonckheere plaatste in de laatste ronde nog een inhaalactie, maar Aaron Scott liet zich niet zomaar kennen. “Ik zette mijn auto naast de Viper van Scott in Bruxelles, maar hij duwde me bruut naar buiten waardoor ik weer tijd verloor”, zei Jonckheere na afloop. “Ik probeerde daarna nog om een nieuwe inhaalactie te wagen, maar er zaten drie achterblijvers tussen ons dus dat lukte helaas niet meer. We hadden hier vandaag graag gewonnen, maar het is niet anders.”
Craig Wilkens en Aaron Scott pakten dus de overwinning in de GT-divisie, voor Frédérique Jonckheere en Patrick van Glabeke. Henk Thuis eindigde op de derde plaats.
In de GTB-divisie was het Max Koebolt die de beste start had. De Corvette-coureur pakte in de eerste ronde de leiding, daarachter gevolgd door Steve Vanbellingen, Marcel van Berlo en Simon Atkinson. Atkinson moest alle zeilen bijzetten om zijn vierde positie te behouden, want de Lamborghini-coureur stond onder zware druk van Porsche-rijder Daan Meijer.
Max Koebolt had in de eerste ronden een voorsprong op kunnen bouwen van vijf seconden ten opzichte van Steve Vanbellingen. De BMW-coureur had op zijn beurt weer een voorsprong van vier seconden op achtervolger Marcel van Berlo. Achter Van Berlo waren Simon Atkinson en Daan Meijer ook na de openingsronden nog zeer aan elkaar gewaagd.
Max Koebolt slaagde er daarna in om zijn voorsprong ten opzichte van Steve Vanbellingen verder uit te bouwen. Vanbellingen moest bovendien in zijn spiegels gaan kijken, want achter hem kwamen Marcel van Berlo en Simon Atkinson snel dichterbij. Ook Daan Meijer was niet ver van deze groep verwijderd.
Na de pitstops was het Marcel van Berlo die door zijn geringe resultaatseocnden de leiding in handen had gekregen. Achter Van Berlo lag Simon Atkinson op de tweede plaats, met daar weer achter Max Koebolt en Daan Meijer. Ward Sluys lag na de pitstops op positie vijf.
Marcel van Berlo kon zijn eerste positie in de slotfase van de race niet behouden. De Porsche-coureur stond onder zware druk van Simon Atkinson, die Van Berlo na een paar ronden kon verschalken. Achter de twee koplopers lag Max Koebolt solide op de derde positie, terwijl daarachter Daan Meijer en Ward Sluys fel met elkaar in gevecht waren.
Koebolt leek met zijn derde positie op weg te gaan naar het kampioenschap, maar net zoals in de race op zaterdag sloeg ook nu het noodlot toe bij de Corvette-coureur. Door een technisch probleem viel de jonge rijder veel posities terug. “Er was iets kapot aan de ophanging, erg zonde want ik lag op een derde plaats”, aldus Max Koebolt, die hierdoor het kampioenschap in de GTB-divisie nog even uit moet stellen. “ Nu moet het op Assen maar gebeuren!”
Aan Simon Atkinson ging dit alles voorbij, de Lamborghini-coureur pakte knap de overwinning voor Marcel van Berlo. Steve Vanbellingen en Ward Sluys legden uiteindelijk nog beslag op de derde plaats.
In de Supersport-divisie was het Cor Euser die het beste weg was. De Lotus-coureur pakte in de eerste ronde de leiding, met achter hem aan Koen Bogaerts en Werner van Herck. Achter de drie koplopers lagen Huub Delnoij, Michael Verhagen en Dennis de Groot op de posities vier tot en met zes.
Cor Euser kon zijn eerste positie in de eerste ronden behouden, omdat zijn achtervolgers onderling in fel gevecht waren met elkaar. Werner van Herck was er ondertussen in geslaagd om de tweede positie af te pakken van Koen Bogaerts. Achter Bogaerts lag Huub Delnoij met een paar seconden achterstand op de vierde plaats. Achter de top vier lag de rest van de Supersport-divisie inmiddels op een ruimere achterstand, mede ook omdat daartussen ook nog enkele rijders uit de GTB-divisie zaten.
Na de pitstops had Werner van Herck de eerste plaats in handen gekregen. Cor Euser, tot aan de pitstops de leider bij de Supersports, had veel resultaatseconden en was hierdoor teruggevallen tot de vijfde plaats. Mark van der Aa lag na de pitstops op positie twee, Huub Delnoij op plaats drie en Eric van den Munckhof op positie vier.
Werner van Herck kon na de pitstops een solide voorsprong opbouwen. Mark van der Aa leek de tweede plaats op te eisen, maar verloor die tweede positie in de laatste ronde nog aan Hub Delnoij. “In de laatste ronde haalde ik Mark van der Aa nog in, ik denk dat hij mij niet verwacht had”, aldus Huub Delnoij na afloop. “Ik had zelf eigenlijk vooraf ook niet gedacht dat ik vandaag op het podium zou staan, ik had nog nooit met deze auto in de regen gereden dus ik wilde vooral rustig aan doen en geen schade rijden. Maar het ging eigenlijk erg goed, dus dan is een tweede plaats helemaal super.”
Aan Werner van Herck ging dit alles voorbij. De Mazda-coureur pakte ditmaal dus de overwinning, terwijl hij op zaterdag nog dacht dat zijn seizoen voorbij was. “Gisteren dachten we nog dat de motor kapot was. Ik was s’avonds zelfs al onderweg naar huis toen ze ineens belden dat de auto het weer deed”, verklaarde Werner van Herck na afloop. “Dan is zo’n overwinning als vandaag helemaal mooi. We hadden de Finaleraces eigenlijk niet op de agenda staan, maar na vandaag denken we erover om het seizoen in Assen toch op een mooie manier af te sluiten!”
In de Sport-divisie had Dennis de Borst een goed begin van de race. De Clio-coureur pakte meteen de leiding voor Maurits Caransa en BMW-coureur Protasov. Bart van den Broeck lag na de eerste ronde op positie vier, daar weer achter gevolgd door Rob Nieman en Erwin van Dijk.
Dennis de Borst kende een goede beginfase van de race en kon in de eerste ronden een voorsprong opbouwen van meer dan vijf seconden ten opzichte van Maurits Caransa. Caransa moest bovendien in zijn spiegels kijken, want achter hem was BMW-coureur Protasov nog steeds snel onderweg. Achter Protasov lagen Bart van den Broeck, Erwin van Dijk en Rob Nieman op de posities vier tot en met zes en zij waren in fel gevecht met elkaar.
De aan de leiding liggende Dennis de Borst viel bij de pitstops ver terug. De Borst en teamgenoot De Kleijn hadden namelijk veel resultaatseconden en moesten daardoor extra lang in de pitstraat staan. Het Clio-duo viel hierdoor zelfs terug tot de vijfde plaats in de wedstrijd.
Wesley Caransa had na de pitstops de leiding in de wedstrijd in handen gekregen, met achter hem aan Protasov, Rob Nieman en Frank Bédorf. Martin de Kleijn lag op de vijfde positie maar was na de pitstops snel onderweg. Het lukte de Clio-coureur dan ook al snel om zowel Frank Bédorf als Rob Nieman te verschalken om daarmee de derde positie in de race over te nemen .
In de slotfase van de race lukte het Martin de Kleijn zelfs ook nog om de tweede plaats af te pakken van de sterk rijdende Protasov. Aan Wesley Caransa ging dit alles voorbij, samen met neef Maurits pakte hij ditmaal de overwinning in de Sport-divisie. Dennis de Borst en Martin de Kleijn eindigden op de tweede plaats, voor BMW-coureur Protasov.
Erwin van Dijk, koploper in het kampioenschap, kende een moeilijke wedstrijd. De Lotus-coureur kwam ditmaal op de natte baan niet verder dan een zevende plaats. “Ik heb problemen met de banden in de regen. Pirelli heeft eigenlijk niet de juiste band voor ons, maar daar kunnen ze weinig aan doen omdat we een van de weinigen zijn die op 16 inch rijden. Hierdoor krijg ik geen temperatuur in mijn banden en is het in de regen gewoon erg moeilijk”, verklaarde Erwin van Dijk. “Daarnaast viel ook de spanning van de auto nog een keer uit, wat me ook een hoop seconden heeft gekost. Het wordt zo in Assen wel spannend in het kampioenschap, voor de toeschouwers leuk maar ik had het natuurlijk liever anders gezien haha.”
In de Superlights tot slot hadden Henk Haane en Filip Declercq het in de beginfase flink met elkaar aan de stok. Bij dit tweetal zat in de eerste ronden ok David Houthoofd, maar de Norma-coureur ging een keer in de rondte en verloor daarmee kostbare seconden.
Na de pitstops had Chris Kools de GH Motorsport Tatuus in leidende positie in handen gekregen. Achter Kools lag David Houthoofd op de tweede plaats, maar Houthoofd had niet ver achter zich aan Filip Declercq en Carlo Kuijer. Bij deze groep was Carlo Kuijer na de pitstops snel. De Radical-coureur kon al snel de tweede plaats afpakken van Houthoofd en Declercq en stond die daarna niet meer af.
De overwinning overall bij de Superlights ging dus naar Henk Haane en Chris Kools, tweede eindigde Carlo Kuijer en op de derde positie kwam David Houthoofd over de finish. Kuijer pakte bovendien de overwinning in Group 3 van de lights en deed daarmee goede zaken voor dit kampioenschap.