ASSEN - Team VEKA Racing heeft een goede slag voor het kampioenschap geslagen op Assen. Zowel op zaterdag als op zondag scoorde het team met Peter Versluis en Rick Abresch een dubbel, waarbij het tweemaal Peter Versluis was die zegevierde. Versluis deed hiermee goede zaken voor het kampioenschap van de GT-divisie van de Dutch Supercar Challenge. Ook de man op de derde positie was zowel op zaterdag als op zondag dezelfde. René Snel mocht namelijk tweemaal het podium beklimmen. In de Supersport I-divisie ging Henk Thuis er met de eerste plaats vandoor. Makkelijk had Thuis het zeker niet, want Charlie Frijns eindigde op slechts 0,1 seconde van Thuis. Derde eindigde Kees Kreijne met de Aston Martin. Nelson van der Pol won bij de BRL´s.
Bij de start van de race ging het in de eerste bocht voor een paar coureurs al fout. De Slowaak Dick Kvetnansky spinde namelijk met zijn K1 in de eerste bocht waarna Dave Basu in een reactie ook spinde. Wonder boven wonder konden alle overige deelnemers deze bolides ontwijken.
Aan Peter Versluis ging dit alles voorbij. De Ferrari-coureur kon zijn pole position verzilveren en zag bovendien in zijn spiegels dat Rick Abresch in de tweede Ferrari kon volgen. René Snel kon zijn derde positie niet behouden, want Alex van ’t Hoff ging de Porsche GT2 van Snel bij de start voorbij.
Snel herpakte zich echter en kon in de tweede ronde weer voorbij gaan aan Van ’t Hoff. Daarna zette Snel met goede rondetijden de achtervolging in op beide VEKA-Ferrari’s, maar in een poging om bij een van de Ferrari’s buitenom voorbij te gaan ging het fout. Snel probeerde dit in de eerste bocht, maar de uitloopstrook met het natte kunstgras zorgde ervoor dat Snel spinde. De Porsche-coureur kwam hierdoor niet alleen achter Alex van ’t Hoff terecht maar ook achter Cor Euser die vanaf de achttiende startpositie inmiddels was opgeklommen tot positie vier.
Euser kon daarna zonder veel moeite voorbij gaan aan Van ’t Hoff en kreeg het daarna aan de stok met Rick Abresch. Abresch gaf zich echter niet zomaar gewonnen waardoor het publiek een spannend gevecht te zien kreeg. Euser waagde uiteindelijk een inhaalactie op het bochtige eerste gedeelte van het circuit, waarbij beide bolides bocht na bocht naast elkaar bleven rijden. Euser besliste dit gevecht uiteindelijk in zijn voordeel en leek daarna richting Peter Versluis te kunnen rijden. Toen sloeg echter het noodlot toe voor Euser. De ervaren coureur moest zijn Marcos LM600 namelijk met technische problemen naast de baan parkeren. Na afloop bleek een kapot wiellager de oorzaak.
René Snel had zich ondertussen herpakt en was weer richting Alex van ’t Hoff en Rick Abresch toe gereden. Snel kon nog voor de pitstops aan beide coureurs voorbij gaan. Na de pitstops moest Snel echter weer opnieuw beginnen omdat hij door zijn resultaatseconden achter Abresch en Van ’t Hoff terecht kwam.
Snel kon dan ook weer voorbij gaan aan Van ’t Hoff, die bovendien een drive-through kreeg voor een te korte pitstop. Daarna kreeg Van ’t Hoff het aan de stok met Berry van Elk, die gestart was vanuit het achterveld maar een knappe inhaalrace reed. Nadat Van Elk voorbij was gegaan aan Van ’t Hoff leek het erop dat Van Elk nog naar een podium kon rijden, maar een spin van Van Elk voorkwam dat.
Peter Versluis kon door dit alles na de pitstops zijn eerste positie behouden en zag bovendien dat zijn teamgenoot Rick Abresch op de tweede plaats eindigde. René Snel bekroonde een goede race met de derde plaats.
In de Supersport I-divisie mocht Wolf Nathan vanaf de eerste positie starten, maar deze plek moest de Porsche-coureur in de tweede ronde al prijsgeven aan Henk Thuis. Nathan had het de eerste ronden lastig, en moest ook Charlie Frijns en de verrassend sterk rijdende Bob Herber voorbij laten gaan.
Nathan herpakte zich daarna en noteerde rondetijden die sneller waren dan Bob Herber. Nathan kon dan ook de derde positie terugwinnen, waarna Herber in een poging om Nathan te blijven volgen spinde en daarmee veel tijd verloor.
Herber zakte door zijn spin terug tot achter Dirk Schulz, die een sterke race reed, en Kees Kreijne. Tot aan de pitstops werd er niet meer van posities gewisseld maar daarna waren Kees Kreijne, Bob Herber en ook Carlo Kuijer toch voorbij gegaan aan Schulz.
Wolf Nathan en Jaap van Lagen waren ondertussen ver teruggevallen. Problemen bij de pitstop zorgden ervoor dat Van Lagen hierna veel tijd goed moest maken. Het voorkwam een goede klassering van het team van Bas Koeten, die voor de pitstops nog uitzicht hadden op het podium.
De strijd om de eerste positie was tot aan de laatste ronde uitermate spannend. Charlie Frijns moest tijdens de pitstops langer stilstaan dan Henk Thuis, maar noteerde zeer snelle rondetijden waardoor Thuis alle zeilen bij moest zetten om de eerste plaats te behouden. Henk Thuis slaagde erin om als eerste te finishen, maar zijn voorsprong op Frijns bedroeg slechts 0,1 seconde.
Kees Kreijne lag na de pitstops op een solide derde plek en kon die positie tot aan de finish vasthouden. Om de vierde plaats was het nog spannend, want lang leek het erop dat Carlo Kuijer deze voor zich op kon eisen. Een ronde voor het einde sloeg het noodlot voor Kuijer echter toe omdat de achterwielophanging van zijn Opel Astra Silhouette afbrak. Kuijer eindigde hierdoor in het grind en zag een goede race niet worden beloond. Bob Herber eindigde hierdoor op de vierde plaats.
Bij de BRL’s was het wederom Nelson van der Pol die aan het langste eind trok. Makkelijk had Van der Pol het echter niet, want Donny Crevels bleek zeer snel en kon nog dicht in de buurt van Van der Pol komen. Jacky van der Ende eindigde op de derde positie.