DSC: Safetycar drukt stempel op tweede race op Spa Francorchamps

Dutch Supercar Challenge
zondag, 26 juni 2011 om 16:48
110626 rx start zondag
FRANCORCHAMPS - Na de regen op zaterdag was er tijdens de zondagrace van de Dutch Supercar Challenge amper een wolkje aan de lucht te ontdekken. Toch waren er ook onder deze omstandigheden een paar incidenten in de race van de DSC, waardoor de safetycar in de beginfase van de race maar liefst twintig minuten op de baan bleef. De race werd uiteindelijk gewonnen door Cor Euser met zijn Marcos LM600, voor Diederik Sijthoff en het gelegenheidsduo Abresch/Basu. In de Supersport I-divisie ging de overwinning naar Wolf Nathan en Jaap van Lagen, terwijl in de Supersport II-divisie Jan van der Kooi het snelste bleek. In de Sport-divisie ging de overwinning naar Guillaume Schulz.
De start van de race liep voor sommige deelnemers in de GT-divisie niet lekker. Ardi van der Hoek was met zijn Audi R8 LMS GT3 het beste weg maar daarachter ging het fout voor Diederik Sijthoff en Martin Short, die beiden werden aangetikt in La Source en daardoor in de rondte gingen. Sijthoff kon wel snel zijn weg vervolgen maar Martin Short moest veel deelnemers voorbij laten gaan voordat hij weer verder kon.
In het achterveld ging het bij de start van de race ook mis. In het gedrang bij de busstop-chicane raakten een aantal auto’s elkaar. Onder andere Leon Zappeij, Erik van de munckhof en John van der Voort waren hierbij betrokken, waarbij het voor Van de munckhof en Van der Voort meteen einde race betekende. “Voor mij spinde een auto en daarna werd ik van achteren geraakt. Ik zat eigenlijk gewoon in een sandwich”, verklaarde Van de munckhof achteraf. Door deze crash kwam meteen de safetycar de baan op, waarna het in totaal wel twintig minuten duurde voordat alle brokstukken waren opgeruimd.
Voor de deelnemers die alleen het eerste gedeelte van de race voor hun rekening namen was het dus voornamelijk treintje rijden achter de safetycar. Het pitwindow was namelijk op het moment dat de safetycar de baan verliet al geopend, waardoor verschillende coureurs al meteen naar binnen kwamen voor hun pitstop. Deelnemers met veel strafseconden waren door dit alles eigenlijk extra in het nadeel, omdat zij nog maar amper de mogelijkheid hadden gehad om uit te lopen op hun concurrenten.
110626 rx euser
De pitstops gooiden het veld dus aardig door elkaar, waardoor het na de pitstops Cor Euser en Diederik Sijthoff waren die op de eerste twee plaatsen waren komen te liggen. Zij hadden beiden geen strafseconden en hadden daardoor onder andere de Audi van het duo Van der Hoek/De Graaff voorbij kunnen gaan. Van der Hoek had de Audi in leidende positie overgegeven aan De Graaff, maar door de in totaal 25 extra resultaatseconden vielen zij na de pitstops terug naar de vijfde plaats.
De Graaff reed met zijn Audi daarna echter goede rondetijden en slaagde erin om in een paar ronden voorbij te gaan aan zowel de op een vierde plaats liggende Alex van ’t Hoff als aan de op een derde plaats liggende Peter Versluis. Versluis besloot daarbij pas op zaterdag dat hij op zondag zou gaan rijden en was dus vanaf de laatste startplek al opgeklommen naar die derde plaats. Die derde plaats gaf Versluis niet zomaar op aan De Graaff, want de Ferrari-coureur kon de Audi een tijdje achter zich houden. Uiteindelijk kon De Graaff in de busstop door gedrang met een paar achterblijvers profiteren.
Een podiumplaats leek dus in zicht voor Prosperia Team Brinkmann UHC, maar Rick Abresch stak daar in de slotronden een stokje voor. Abresch deelde zijn Corvette met Dave Basu, waarvan bleek dat zijn auto na de crash op zaterdag teveel schade had opgelopen om op zondag alweer mee te kunnen rijden. Basu reed echter het eerste gedeelte van de race, waarna Rick Abresch het stuur van zijn Corvette bij de pitstops had overgenomen.
Abresch was op de achtste positie terug de baan opgekomen, maar kon daarna snel naar voren rijden. Na gevechten met onder andere Roger Grouwels, Peter en Jan Versluis kwam Abresch uiteindelijk op de vierde positie terecht achter Robert de Graaff. Een spannend gevecht volgde met meerdere positiewisselingen, maar Abresch besliste dit gevecht in de slotronden in zijn voordeel. De Graaff zag dus een tweede podium voor dit weekend maar net aan zich voorbij gaan. Cor Euser kon ondertussen onbedreigd naar de overwinning rijden en ook Diederik Sijthoff zag zijn tweede plaats na de pitstops niet meer in gevaar komen.
In de Supersport I-divisie had Barry Maessen een zeer goede start. De BRL-coureur wurmde zich in de eerste ronde naar voren en haalde daarbij onder andere Luc Braams, Bert van der Zweerde en Rob Frijns in. Maessen mocht dan ook op de eerste positie aansluiten achter de safetycar, die na de eerste ronde al de baan op was gekomen in verband met de startcrash in de busstop-chicane. Achter Maessen lag Erol Ertan op de tweede plaats, voor Carlo Kuijer, Bert van der Zweerde, Rob Frijns en Simon Atkinson.
110626 rx v lagen
Bij de herstart van de race was het pitwindow voor de Supersport I-divisie inmiddels open waardoor sommige coureurs meteen naar binnen doken. Onder andere Wolf Nathan deed dit, waardoor Jaap van Lagen (die op zaterdag nog elfde werd in de Porsche Carrera World Cup op de Nürburgring-Nordschleife) het stuur van de Uponor Porsche over kon nemen. Dit bleek na de pitstops een goede beslissing te zijn geweest, want Van Lagen klom hiermee al snel op naar de tweede positie in de klasse.
Bovendien was het gat met Van Lagen en koploper Charlie Frijns zeer klein, waarna Van Lagen erin slaagde om aan de Porsche van Frijns voorbij te gaan. Echt uitlopen deed Van Lagen daarna niet, waardoor het gat tussen hem en Frijns beperkt bleef tot een paar seconden.
Bert van der Zweerde had na zijn overwinning op zaterdag tijdens de race op zondag niet aan zijn zijde. De motor van Van der Zweerde ging namelijk in het tweede gedeelte van de race kapot, waardoor hij met zes ronden achterstand als 57e algemeen werd geklasseerd.
Erol Ertan en René Wijnen maakten in de Supersport I-divisie het feest voor Carworld Motorsport compleet. Rob en Charlie Frijns eindigden namelijk achter het duo Nathan/Van Lagen op de tweede positie, en het duo Ertan/Wijnen pakte met hun Porsche de derde plaats. Achter Ertan en Wijnen eindigden Jacky van der Ende, Carlo Kuijer en Barry Maessen op de posities vier, vijf en zes.
Ook voor de Supersport II-divisie drukte de safetycar-situatie een grote stempel op de wedstrijd. Pieter van Soelen had de beste start, en ging op de eerste positie de safetycar procedure in. Dit weekend werd er voor de eerste maal op Spa Francorchamps een ander pitwindow toegepast dan anders. Normaal gesproken is dit voor alle divisies tussen de 25e en de 35e minuut, maar ditmaal was dit voor de GT- en Supersport I-divisie tussen de 20e en 30e minuut en voor de Supersport II- en Sport-divisie tussen de 30e en 40e minuut. Dit werd gedaan omdat er anders door het grote startveld teveel hectiek werd verwacht in de pitstraat.
110626 rx kooij
Hierdoor konden de Supersport II- en de Sport-deelnemers na de safetycar langer doorrijden, waardoor er al voor de pitstops spannende gevechten ontstonden. Koen Bogaerts ging snel voorbij aan Daan Meijer en Pieter van Soelen, waarna Van Soelen in gevecht raakte met Nick Aerts, Ferry Monster en Marcel Norbart. Jan van der Kooi was ondertussen al op de eerste plaats komen te liggen.
Aerts, Monster en Van Soelen waren een aantal ronden fel in gevecht met elkaar, waarbij het uiteindelijk Nick Aerts was die bezweek aan de druk van zijn achtervolgers. De BRL-coureur spinde in de busstop, waarbij Pieter van Soelen meteen profiteerde en voorbij ging aan de RIWAL Seat van de gebroeders Monster. Marcel Norbart zat ondertussen ook al aan de staart van de RIWAL Seat en slaagde er niet veel later ook in om aan deze auto voorbij te gaan.
De pitstops gooiden het veld aardig door elkaar. Door de resultaatseconden waren onder andere het duo Bogaerts/Van der Aa en de gebroeders Monster verder teruggevallen, waardoor onder andere Marcel Norbart en Daan Meijer verder naar voren doorschoven. Jan van der Kooi had ondertussen al een voorsprong opgebouwd van een twintigtal seconden.
Om de tweede positie werd het daarna erg spannend. Daan Meijer was het na de pitstops gelukt om voorbij te gaan aan Marcel Norbart, maar de Seat-coureur liet zich niet zomaar kennen. Het duo reed rondenlang achter elkaar aan, waarbij Meijer niet echt kon weglopen van zijn achtervolger. Meijer ging uiteindelijk in de voorlaatste ronde in de fout, waardoor Norbart kon profiteren. “Mijn race ging best goed, maar we hadden problemen met de koppeling waardoor ik eigenlijk probeerde om zoveel mogelijk in de vijfde en zesde versnelling te blijven rijden”, vertelt Marcel Norbart achteraf. “Meijer bleef met zijn Porsche lang voor me, maar gelukkig voor mij spinde hij waardoor ik hem kon inhalen.”
Marcel Norbart eindigde hierdoor achter Jan van der Kooi op de tweede plaats, en Daan Meijer werd toch nog derde. De slotfase van de race verliep niet goed voor Pieter van Soelen, want hij schoot met nog tien minuten te gaan rechtdoor bij Stavelot waarna hij met zijn BMW in de bandenstapels belandde. De gebroeders Monster eindigden uiteindelijk op de vierde plaats.
In de Sport-divisie ging het zoals al eerder gezegd bij de start van de race goed fout voor Leon Zappeij, Erik van de munckhof en John van der Voort. Bij het uitkomen van de busstop-chicane raakte Zappeij in een spin waarna Van de munckhof de BMW niet meer kon ontwijken. John van der Voort zat vlak achter Van de munckhof en kon de Focus Silhouette niet meer ontwijken. Van de munckhof zat dus in een sandwich, met veel schade tot gevolg. Ook de auto van Van der Voort had veel schade, waardoor besloten werd om de safetycar de baan op te brengen. Het bergen van beide auto’s duurde uiteindelijk meer dan twintig minuten.
110626 rx schultz
Bij de herstart van de race was het de ETEC-BMW van de gebroeders Van Vliet die de leiding in de Sport-divisie had gepakt. Nik de Jong had voorafgaand aan de race echter al aangegeven dat hij iets van zich wilde laten zien deze race en hield dan ook woord. De Jong noteerde snelle tijden en kon voorbij gaan aan de gele BMW. Daarna kon de coureur uit de stal van JR Motorsport verder uitlopen.
De pitstops gooiden het veld ook in deze divisie aardig door elkaar. Nik de Jong gaf het stuur over aan Richard van den Bos, die door zijn vele resultaatseconden veertig seconden langer stil moest staan dan zijn concurrenten. Van den Bos kwam dan ook op de derde positie terug de baan op. Daarna sloeg bij de BMW-coureur het noodlot toe, want de motor van zijn auto plofte waardoor een goede klassering in rook opging.
Guillaume Schulz was na de pitstops op de eerste positie komen te liggen en gaf deze positie ook niet meer af. Op een tweede plaats eindigden Peter en Nico van Vliet, die hiermee hun tweede podium van het weekend pakten.
Aart Bosman moest bij de pitstop ditmaal door zijn resultaatseconden maar liefst vijftig seconden extra stilstaan en kon dus niet voor de eerste posities meestrijden. “Ik had misschien wel een hele krant uit kunnen lezen, want ik heb in totaal bijna twee minuten stilgestaan”, aldus Bosman achteraf. Door het uitvallen van Van den Bos kon Bosman uiteindelijk met een derde plaats toch nog het podium beklimmen.
loading
Meest Populair
Laatste Reacties

Loading