HOCKENHEIM - De tweede race van de Dutch Supercar Challenge op de Hockenheim in Duitsland is ten prooi gevallen aan Alex van ’t Hoff. De Mosler-coureur was als negentiende gestart maar maakte vooral in de eerste ronden veel plaatsen goed. De tweede plaats ging naar Dave Basu, voor Ferrari-coureur Peter Versluis die pas op zondagmorgen op het circuit was aangekomen en dus vanaf de laatste startplaats naar het podium reed. In de Supersport I-divisie pakte Bert van der Zweerde zijn tweede overwinning van het weekend. Met zijn BMW-silhouette bleef Van der Zweerde de Porsches van het duo Nathan/Van Lagen en Charlie Frijns voor.
Voor Rick Abresch, de winnaar van de race op zaterdag, begon de start van de race dramatisch. De Corvette bleef namelijk staan op de pre-grid. “De auto wilde niet starten, dus ja dan houdt het helaas op”, legde een nuchtere Abresch na afloop uit. Hierdoor startte Diederik Sijthoff de race weer op de eerste plaats, evenals de race op zaterdag. Samen met Basu had Sijthoff een goede start van de race, waardoor zij beiden een gaatje konden slaan naar hun concurrenten, Cor Euser en Jan Versluis.
Achter Cor Euser en Jan Versluis verscheen al na de eerste ronde Alex van ’t Hoff in beeld. Van ’t Hoff had met zijn Mosler MT900 GT3 een super start en schoot vanaf zijn negentiende startpositie snel naar voren. Van ’t Hoff was de eerste ronden ontketend, want in ronde twee en drie moesten zowel Jan Versluis als Cor Euser geloven aan de snelheid van de Mosler-coureur.
Van ’t Hoff reed daarna naar de twee koplopers toe, die tot dan toe een voorsprong van een paar seconden hadden opgebouwd op hun achtervolgers. In de zesde ronde plaatste Van ’t Hoff buitenom in de Parabolika een inhaalactie op Basu, en in de achtste ronde moest Diederik Sijthoff er in het Motodrome ook aan geloven. Na de pitstops kon Van ’t Hoff verder uitlopen, omdat hij door zijn negentiende plaats op zaterdag nog geen resultaatseconden achter zijn naam had staan.
Achter Van ’t Hoff ontvouwde zich na de pitstops een spannend gevecht. Diederik Sijthoff was namelijk vlak achter Basu de baan opgekomen maar had vooral de eerste ronden na de pitstops goed de snelheid te pakken. Sijthoff kon dan ook weer snel de tweede plaats van Basu terugpakken, maar de Corvette-coureur liet het daar niet bij zitten. Ronde na ronde bleef het tweetal binnen een seconde van elkaar en Basu deed zelfs al enkele pogingen om Sijthoff voorbij te gaan.
Het lukte Basu in eerste instantie niet om de Viper van Sijthoff voorbij te gaan. In de 29e ronde deed Basu dan ook een ultieme uitrempoging in de hairpin. Beide coureurs remden extreem laat waarna Sijthoff spinde. De Viper moest daarna met een lekke band naar de pitstraat. “We zaten al een paar keer naast elkaar, maar telkens kwam ik de Viper maar niet voorbij”, aldus Dave Basu na afloop. “Nu liet ik mijn auto dus ook echt staan. Dat probeerde Diederik ook, maar hij schoot vol rechtdoor bij de hairpin.”
Sijthoff baalde na afloop als een stekker maar had zelf nog niet in de gaten wat er nou precies was gebeurd. “Ik ging samen met de Corvette op de hairpin af en probeerde zo laat mogelijk te remmen. Waarschijnlijk ben ik bij het aanremmen over de curbstones gereden waardoor ik spinde”, verklaarde Sijthoff. “Daarna was mijn achterband lek en moest ik de pitstraat opzoeken. Het was wel raar dat het mijn rechter achterband was omdat ik met mijn linker wielen over de curbs ging. Bovendien hebben Dave en ik elkaar volgens mij niet geraakt. Maar ja, wel enorm balen dit.”
Sijthoff viel door zijn lekke band terug tot de vijfde plaats, achter Jan en Peter Versluis. Lang leek het erop dat Jan Versluis de derde plaats zou pakken, maar hij kreeg met zijn Ferrari 430 GT2 een drive-through omdat hij tijdens zijn pitstop te snel door de pitstraat had gereden. Peter Versluis, die op zondagmorgen pas op het circuit was aangekomen en dus als laatste had moeten starten, pakte hierdoor de derde plaats.
In de Supersport I-divisie had Kees Kreijne de beste start. De Aston Martin-coureur kon namelijk voorbij gaan aan Bert van der Zweerde en slaagde erin om Van der Zweerde de eerste ronden achter zich te houden. Van der Zweerde herpakte zich echter snel en kon in de derde ronde weer voorbij gaan aan Kreijne. Charlie Frijns reed in de beginfase solide op de derde plaats.
Achter de top drie zat een hele groep dicht bij elkaar. Erol Ertan had hier Nelson van der Pol, Jacky van der Ende en Wolf Nathan achter zich aan. Ertan kon dit groepje verschillende ronden achter zich houden, maar ging toen zelf in de fout. “Die gastrijder met de Porsche (Jens Hochköpper, red.) zat flink te pushen achter mij dus ik dacht ik laat hem maar voorbij gaan”, legde Erol Ertan na afloop uit. “Ik gaf daarom ruimte, maar remde zelf eigenlijk te laat waardoor ik spinde. Daarna sloeg mijn Porsche ook nog eens af waardoor ik nog meer tijd verloor.” De andere deelnemers konden gelukkig de stilstaande Porsche allen ontwijken.
Hierna opende Wolf Nathan de aanval op BRL-coureurs Van der Pol en van der Ende, maar het duurde tot aan de pitstops voordat Nathan voorbij was aan beide BRL’s. “In de eerste ronde werd ik al aangetikt door iemand anders”, vertelde Wolf Nathan. “Daarna was de velg van mijn Porsche beschadigd en was de auto heel moeilijk te rijden.”
Charlie Frijns was ondertussen voor de pitstops naar Kees Kreijne toegereden en slaagde erin om de Aston Martin voor de pitstops nog voorbij te gaan. Na de pitstops kwam Kreijne door zijn resultaatseconden verder achterop te liggen, waardoor Jaap van Lagen de derde positie van Kreijne over kon nemen.
Bert van der Zweerde kon ook na de pitstops zijn eerste positie behouden en zag die ook niet meer in elkaar komen. Jaap van Lagen kon nog wel voorbij gaan aan Charlie Frijns, waardoor hij samen met Wolf Nathan op de tweede plaats eindigde. Charlie Frijns completeerde wel het podium op positie drie.