ZANDVOORT - Cor Euser heeft de tweede race van de Dutch Supercar Challenge tijdens de Tango Masters of Formula 3 op zijn naam geschreven. In het spannende slot van de wedstrijd kon Euser Francesco Pastorelli knap achter zich houden. Derde werd Berry van Elk, die vanaf de laatste startpositie een goede race reed en dat beloond zag worden met een podium. In de Supersport I-divisie ging de overwinning naar Nol Köhler en Henk Haane. De overwinning mag opvallend genoemd worden aangezien het duo in het tweede gedeelte van de race ook nog een drive through moest ondergaan. Tweede werden Pieter Dubois en René Wijnen, waarbij laatstgenoemde veel tijd verloor door een touché met David Hart. Henk Thuis eindigde nadat Erol Ertan een tijdstraf kreeg van twintig seconden op de derde positie.
Bij de start van de race behield Ronald van de Laar knap zijn eerste positie. Martin Short en Cor Euser slaagden er namelijk niet in om al voor de Tarzanbocht voorbij te gaan aan Van de Laar. Een paar bochten later lukte dat wel en ook Elmar Grimm slaagde er al snel in om voorbij te gaan aan Van de Laar. Danny Werkman had een minder goede start. Hij schoot, gestart vanaf de tiende positie, rechtdoor bij de Tarzanbocht en moest zijn rit door het grind bekopen met veel plekken verlies.
Achter Grimm was de ETEC-Viper, met Philippe Ribbens achter het stuur, snel onderweg. Ribbens was na een paar ronden opgeklommen van de zesde naar de vierde positie, maar moest de strijd in ronde drie staken omdat de aandrijfas van zijn Viper afbrak. De ETEC-Viper was niet de enige bolide die met technische problemen te kampen had. Peter Versluis moest namelijk zijn Corvette in de zesde ronde in de pitstraat parkeren met een kapotte gaskabel.
Aan de kop van het veld was de strijd spannend tussen Martin Short en Cor Euser. Euser voerde in het begin van de race de druk op Short flink op, maar kreeg zijn eerste positie eigenlijk in de schoot geworpen. Bij het uitkomen van de Tarzanbocht weigerde de Mosler MT900 van Short namelijk dienst, waardoor Euser, ondanks een lichte touché met Short, makkelijk voorbij kon steken aan de Engelsman. “Echt ongelofelijk, mijn motor sloeg af toen ik de bocht uit wilde accelereren”, legde Short na afloop uit. “Het was precies op het punt waar je normaal gas geeft dus ik dacht al dat Euser mij van achteren aan zou tikken, zoals het ook gebeurde. Gelukkig kon ik wel mijn weg vervolgen.”
Daarna was er een spannend duel tussen Ronald van de Laar en Rick Abresch. Een aantal ronden zat het duo achter elkaar maar uiteindelijk was het Rick Abresch die met een gedurfde inhaalactie, waarbij beide auto’s met elkaar in aanraking kwamen, in de Gerlachbocht voorbij stak aan Van der Laar.
Na de pitstops waren er aan de kop van het veld een paar verschuivingen. Cor Euser en Martin Short waren door hun vele resultaatseconden een paar posities teruggevallen en dat resulteerde erin dat Elmar Grimm de nieuwe koploper was en dat Berry van Elk, die als laatste gestart was, op de derde positie terecht was gekomen. Lang kon Van Elk niet profiteren van zijn derde plek, want Francesco Pastorelli, die na de pitstops het stuur de van Ferrari F40 GT3 had overgenomen van Rich Abresch, had zijn tanden in het stuur gezet en noteerde de snelste rondetijden van het veld. Hij ging dan ook snel voorbij aan Van Elk en ging daarna op jacht naar de kop van het veld.
Cor Euser, die na de pitstops achter Elmar Grimm terecht was gekomen, kreeg de eerste positie alweer snel in de schoot geworpen. Grimm had namelijk een te korte pitstop gemaakt en moest dat bekopen met een drive through penalty. Grimm had daarna de hete adem van Francesco Pastorelli en Berry van Elk in zijn nek en moest zijn tweede positie dan ook snel prijsgeven. De ontketende Pastorelli slaagde erin om na de Tarzanbocht voorbij te steken aan de DTM Audi van Grimm. Alsof dat nog niet genoeg was kreeg Grimm in dezelfde ronde technische problemen met zijn bolide waardoor hij zijn derde plek in de pitstraat op moest geven. Later bleken versnellingsbakproblemen de oorzaak van het technische euvel.
Het slot van de wedstrijd was ongekend spannend. Francesco Pastorelli had namelijk in de laatste ronden van de race het gat naar Cor Euser helemaal dichtgereden en het was wachten op een inhaalpoging van Pastorelli. Pastorelli probeerde het in de S-bocht, maar Euser maakte zich uiterst breed en kon hierdoor Pastorelli achter zich houden. Pastorelli moest in de laatste ronde de strijd om de eerste plek helemaal staken omdat zijn brandstof bijna op was. Op halve kracht kon hij toch de finish bereiken en kon hij hierdoor zijn tweede positie veilig stellen. Martin Short kwam in het slot van de race nog in de buurt van Berry van Elk, maar de voorsprong van Van Elk bleef groot genoeg om de derde positie te behouden. Hierdoor kon Van Elk, die bij de eerste race op zaterdag zijn eerste positie in de grindbak zag eindigen, het weekend toch nog positief afsluiten.
Erol Ertan, die bij de eerste race van de DSC tijdens de Masters de overwinning behaalde in de Supersport I-divisie, had een lastige start van de race. Al in de eerste ronde slaagden Kees Kreijne met de Aston Martin Vantage en Ruud Olij met de BMW E46 GTR erin om voorbij te steken aan Ertan. Ook de teamgenoot van Erol Ertan, Pieter Dubois, ging niet veel later voorbij aan de bestuurder van de Renault Mégane Trophy.
Vanuit het achterveld rukte Michael Donovan snel op naar de kop van zijn divisie. In de zevende ronde lag de bestuurder van de Porsche 997 GT3 al op de derde plek. Kees Kreijne was daarbij een paar posities teruggevallen, want het was Jan de Wit die voor de pitstops op de vierde positie terecht was gekomen. De Wit kon zijn goede start van de race echter geen gevolg geven, want na de pitstops spinde de Marcos-coureur in het Scheivlak waardoor hij een aantal posities verloor.
Na de pitstops was Donovan door de strafseconden van de concurrentie opgeklommen naar de eerste plek in de divisie, waarbij hij gevolgd werd door René Wijnen, die na de pitstops het stuur had overgenomen van Pieter Dubois. Donovan kon zijn eerste plek echter niet verzilveren, want door een lekke band moest de Engelsman voortijdig opgeven. Ook René Wijnen haalde niet ongeschonden de finish. Door een touché met de V8Star van David Hart viel Wijnen terug naar de tweede positie.
Door deze gebeurtenissen kwam Henk Haane, die het stuur had overgenomen van Nol Köhler op de eerste positie te liggen. Deze positie behielden ze zelfs na het maken van een drive through penalty omdat ze te kort stil hadden gestaan bij de pitstop. Achter Haane behield Wijnen de tweede positie, maar om de derde plek was de strijd nog hevig.
Die strijd ging tussen Kees Kreijne en Erol Ertan, waarbij laatstgenoemde verwoede pogingen deed om voorbij te gaan aan de Aston Martin van Kreijne. Ertan ging over tot een inhaalactie in de Wilgenhaegebocht achterop het circuit, maar tikte daarbij Kreijne in het rond. Hierdoor kreeg Ertan na afloop van de race twintig seconden tijdstraf. Door deze tijdstraf eindigde Henk Thuis, die achteraan gestart was, toch nog op het podium. Nol Köhler en Henk Haane mochten de eerste plek op het podium betreden, voor Pieter Dubois en René Wijnen.