De DTM en het Super GT zijn weer een stap dichterbij elkaar gekomen in hun streven een gelijke klasse te realiseren. De beide organisaties gaan vanaf 2017 dezelfde motoren gebruiken.
Inmiddels worden al eenzelfde soort regels voor het chassis en de aerodynamica gebruikt, waarbij de DTM overstapt van de 2 liter V8 atmosferische motor naar de V4 Turbo. Dat is dezelfde motor die al in het Japanse kampioenschap wordt gebruikt. Andere details zoals het verbeteren van de veiligheid, beperkingen op het testen en de bandenspecificatie zijn tijdens de laatste bespreking in Tokyo ook aan bod gekomen bij het comité, waarbij ook de IMSA aanwezig was via een videoverbinding.
Hans Werner Aufrecht, voorzitter van de ITR e.V. die de DTM organiseert, licht toe: “De overeenkomst tussen de leidende fabrikanten in Duitsland en Japan is een belangrijke mijlpaal op weg naar een set van gezamenlijke, wereldwijde geïmplementeerde ‘klasse 1’-regels. Het is aan de fabrikanten om te beslissen of zij hun ‘klasse 1’-voertuig vandaag in Suzuka laten racen, de volgende week op de Nürburgring en in veertien dagen op Daytona. Deze mogelijkheid levert totaal nieuwe marketingkansen voor de fabrikanten. En de gezamenlijke naam ‘klasse 1’ is een belangrijke component, om het zo te zeggen, wat alles bij elkaar houdt. Daarom ben ik blij dat we onze gezamenlijke basis in Europa, Japan en de VS gaan demonstreren met deze onderscheidende naam.”