De Dakar 2012 is op 1 januari begonnen met een korte proef. Direct was er Nederlands succes met de dagzege van trucker Van Vliet. Tim Coronel kende pech met een gebroken koppeling. Diens broer Tom, net als zijn tweelingbroer snel met alles wat vier wielen heeft, van F1-bolide tot toerwagen, houdt voor Nusport een column bij.
"Tijdens de Dakar Rally wordt voornamelijk gesproken over de coureurs, maar bij de auto's en de vrachtwagens is de taak van bijrijder zeker net zo belangrijk. Het is een lastige taak waar nogal wat dingen bij komen kijken. Waaronder uiteraard de navigatie.
Navigeren is iets speciaals. Je rijdt voornamelijk blind. Soms zie je iets herkenbaars als een rots of een klif, of desnoods een struik, maar verder ben je afhankelijk van het roadbook en de tripmaster, waarvan je er twee op je dashboard hebt.
De tripmaster meet via de wielomtrek welke afstand je aflegt en aan de hand daarvan kun je bijvoorbeeld meten wanneer je een bocht moet maken. Het lastige is alleen dat je soms spinnende wielen hebt, waardoor de metingen niet meer kloppen.
Rekenen
Verder moet je echt visueel ingesteld zijn en snel kunnen rekenen. Er wordt bijvoordbeeld gewerkt met een soort koerstol. Als je dan op koers 355 op een heuvel afrijdt, maar je moet er omheen, dan moet je koers later weer corrigeren. Dat vergt nogal wat denkwerk.
Daarnaast is er het roadbook, dat ook niet altijd even duidelijk is, zeker als je het als coureur niet voor je ziet. Ik weet nog een situatie uit 2009 toen Tim en ik het navigeren om en om deden. Ik reed en Tim zei 'T-splitsing rechtdoor'. Ik begreep er natuurlijk niets van, maar het bleek dat we daar rechtdoor het onverhard op moesten. Dan moet je dus wel op elkaar kunnen vertrouwen.
Omgekeerd hebben we ook een keer gehad dat ik zei dat we rechtsaf moesten en Tim naar links ging. 'Daar gaat de rest ook heen', zei hij. Dat werkt dus niet. Ik heb hem toen direct duidelijk gemaakt dat ík navigeerde en hij dus moest doen wat ik zei. Je moet niet achter andermans fouten aanrijden.
Irritatiegrens
Daarmee komt direct een ander belangrijk onderdeel van het rijden met een duo naar voren. De irritatiegrens moet hoog liggen. Je bent twee weken onderweg en daarin krijg je echt wel eens mot met elkaar. Hoort erbij. Als je daar niet tegen kan is Dakar niets voor jou. Gelukkig is Tim mijn broer en kunnen we heel veel van elkaar hebben. Ik kan wel stellen dat we nog verder naar elkaar toegegroeid zijn dat jaar.
Ook belangrijk is dat je geen last hebt van wagenziekte. Je zit als navigator veel met je hoofd naar beneden en dan kan het weleens fout gaan. Ik had daar zelf geen last van, maar dat heb ik nooit als Tim rijdt. Dat heeft weer met het vertrouwen te maken. Ik zou ook met geen enkele andere coureur zo'n rally rijden dan met Tim.
Landschappen
Veel mensen denken dat je als navigator niets mee krijgt van alle mooie landschappen die je op TV ziet, maar dat is niet waar. Wat andere mensen op National Geographic zien, heb ik allemaal in het echt mogen aanschouwen. Dat staat op mijn harde schijf.
Het is zo mooi, dat kun je thuis niet uitleggen. Toch was Dakar voor mij eenmalig. Ik zou niet weten waarom ik het nog een keer zou moeten doen."