Moe maar voldaan en als 76ste kwamen de Belgische Dakardeelnemers Pascal Feryn en Tom De Leeuw (Toyota) over de finish van de vierde rit. “Dit was de zwaarste rit tot dusver”, puft Pascal Feryn nog na. “Na 6 kilometer begon de ellende al. Bij het oprijden van een niet zo steile duin stonden links en rechts voertuigen stil. De zichtbaarheid was door de fesh fesh niet echt goed te noemen. 70 Kilometer verder reden we onszelf vast in een duinpan. Voor de start hadden we afgesproken dat we deze rit als team zouden rijden en dat Paul Verheyden (DAF) bij ons zou blijven. Meer dan een uur hebben we geprobeerd om uit die duinpan te raken. Toen het lukte liepen twee banden van de velgen omdat de bandendruk te laag was. Die hebben we eerst terug op de velg moeten trekken voordat we verder konden rijden. Daarna zijn we nog één keer lek gereden. Ondanks de 76ste plaats denk ik dat we een goede zaak doen in de T2-klasse. Er zit nog een pak volk vast in de woestijn. In al mijn jaren in de Dakar komt deze rit in de top-5 van de moeilijke ritten die ik ooit gereden heb.”
“Zand, zand en nog een zand. Dat stond er op het menu”, zegt Tom De Leeuw. “Woensdag moeten we vroeg uit de veren want we trekken via het Andesgebergte richting Chili. Dan rijden we dus weer een tijdje op 4800 m hoogte om nadien aan de eerste klassementsrit in Chili te beginnen.”
Paul Verheyden, Kurt Keysers en Anton Van Limpt overschreden de finish als 40ste. “Goed dat we zijn samen gebleven” zegt Anton Van Limpt. “Pascal en Tom waren ongelukkig in een duinpan gesukkeld. Het was enorm moeilijk om de wagen eruit te krijgen. Op een bepaald moment riskeerde de vrachtwagen zelfs te kantelen. Maar we zijn erin geslaagd en hebben nadien samen onze rit verder gezet. Er was heel veel contrast tussen duinen, rotsen en ravijnen.”