Janus van Kasteren maakte met een vierde plaats veel goed voor de geplaagde equipe van
Team de Rooy in de Dakar Rally 2020. Het team moest het uitvallen van Vick Versteijnen slikken, die door een kapotte naaf de handdoek in de ring moest gooien. Toch was Van Kasteren niet alleen positief over zijn vierde plaats, volgens hem had er meer ingezeten als landgenoot Richard de Groot niet in de weg had gereden. Van Kasteren begon als achtste, maar won razendsnel terrein en meldde zich al snel achter de brandweerman.
De Groot was op die plaats in de proef beland door een fout van de organisatie op dinsdag. Daarin kreeg hij een vierde tijd achter zijn naam, maar volgens Van Kasteren was dat een blunder van de organisatie. "Richard is een fijne vent, maar wat hem vandaag bezielde is mij een raadsel", zegt Van Kasteren op de Facebook-pagina van zijn team. "Hij ging niet aan de kant. Ik heb een half uur achter hem zitten sentinellen (een alarmsignaal in de cabine dat aangeeft dat er iemand wil passeren, red), maar hij vertikte het gewoon, terwijl er ruimte genoeg was om even opzij te gaan. Hij ging pas aan de kant toen hij zelf kapot ging. Als hij me geen half uur had opgehouden, had ik wie weet wel kunnen winnen. Daar ben ik boos over, ja. Ik snap best dat het gaaf is om eens vooraan te rijden, maar hij heeft er niets te zoeken en moet zich al helemaal niet bemoeien met het spel vooraan."
In de slotfase kwam Dmitry Sotnikov in zijn Kamaz nog voorbij razen. "Wel zó hard. Dan zie je dat zij professionals zijn en wij niet. Ik snap niet dat die banden het houden bij hen, met zoveel geweld. Gelukkig hebben wij ook niks gehad, nog geen bandje lek."